‘Ik ben trajectbegeleider bij Werkcentrum Pluspunt Rotterdam, een dagbesteding- en leerwerkcentrum voor Rotterdammers die mentale of andere problemen hebben en voor langere tijd wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken én Rotterdammers die bereid zijn om daar een actieve bijdrage aan te leveren. We hebben diverse werkplaatsen, waaronder een fietsen-, kook- en houtwerkplaats en we beheren ook een grote stadstuin. Op al die plekken werken mensen met verschillende achtergronden en ervaringen met elkaar samen.’
Ecosociale aanpak
‘Bij Pluspunt werken we volgens de principes van het ecosociaal werk. Daarbij gaat zorg voor mensen hand in hand met zorg voor het ecosysteem waarin zij leven. Sociaal werkers zijn van oudsher sterk gericht op individuele mensen en hun problemen. Met een ecosociale aanpak ben je niet in de eerste plaats op individuen gericht, maar streef je naar het bouwen van communities rond duurzame projecten: initiatieven die goed zijn voor mensen en voor de aarde. Die kunnen draaien om bijvoorbeeld het hergebruiken van spullen of het tegengaan van voedselverspilling, maar ook om het gezamenlijk aanleggen en onderhouden van een biologische moestuin. Je verbindt, kortom, sociaal werk met ecologische principes. Het gaat om het herstellen van de balans tussen mens en natuur. Binnen dat geheel is er uiteraard aandacht en zorg voor individuele problemen.’
Recht doen
‘In oktober vorig jaar heb ik in Oslo de inspirerende European Social Work Conference bezocht. Die had Bridging Communities: Building Sustainable Futures als thema. Er waren pakweg zeshonderd bezoekers, de meeste Europeanen, maar ook mensen uit onder meer Nepal, de Filippijnen, Zuid-Afrika en Nieuw-Zeeland. Hoe kunnen we het als sociaal werkers beter doen voor mensen en de aarde, en meer doen dan alleen individuele hulp bieden? Hoe kunnen we gemeenschappen versterken, de impact van klimaatverandering op kwetsbare groepen onder de aandacht brengen en werken aan een systemische aanpak van zaken als gezondheid, armoede en een gezonde leefomgeving? Deelnemers wilden echt van elkaar leren. Keynote speakers hielden voordrachten over het verband tussen ecosociaal werken en de klimaatcrisis, kolonialisme, onderdrukkingsmechanismen en economische systemen, er waren workshops, paneldiscussies en posterpresentaties en je kon mee op excursie naar organisaties in Oslo. Zelf was ik erg onder de indruk van de presentaties van vertegenwoordigers van de Sami bijvoorbeeld, een van oorsprong nomadisch volk, en van inheemse bewoners van Amerika en Nieuw-Zeeland. Zij gaan heel anders met de natuur om dan wij. Ze beseffen dat we als mensen niet tegenover de natuur staan maar er onderdeel van zijn. Dat we de natuur recht moeten doen om zelf te kunnen overleven. Respect hebben voor de natuur is respect hebben voor jezelf, betoogde één van hen. Iemand anders zei: “We do not inherit the world from our ancestors, but we borrowed the earth from our children.”
Mini-samenleving
‘Ik mocht in Oslo namens de BPSW een presentatie geven. Samen met mijn collega Vera heb ik uiteengezet waarom sociaal werkers zo belangrijk zijn bij ecosociale initiatieven. Ter illustratie hebben we over ons project Rotterdamse Munt verteld, een stadstuin in de wijk Feijenoord waar bewoners, vrijwilligers en deelnemers samenwerken in het groen. Er werken mensen vanuit een zorgtraject die op veel plekken in de samenleving niet mogen of kunnen meedoen en onbegrip en uitsluiting ervaren. Bij onze vrijwilligers zitten onder meer gepensioneerden, jonge mensen die herstellen van een burn-out en mensen met belangstelling voor tuinieren. Bij elkaar een mini-samenleving met mensen die elkaar anders waarschijnlijk niet tegen zouden komen, maar nu samenwerken aan gezonde voeding, een groene en gezonde leefomgeving en die van en met elkaar leren. Als sociaal werkers proberen we de groepsdynamiek in goede banen te leiden. Zo zijn we getraind in het duiden van onbegrepen gedrag en leggen we uit waarom iemand wel eens anders reageert. Als er spanningen zijn bemiddelen we. We helpen de mensen die het lastig vinden om in een groep te functioneren toch hun plek te vinden en betrekken nieuwe mensen tijdens de lunch bij het gesprek. We stimuleren het tuinieren, maar als iemand zich even wil terugtrekken is dat ook prima. Er waren veel onderzoekers op het congres, dus het was mooi dat wij als uitvoerende sociaal werkers over ons werk konden vertellen. We kregen heel positieve reacties op ons verhaal.’
Systemisch kijken
‘Binnen het ecosociaal werken is sociale rechtvaardigheid een kernwaarde. Dat sluit mooi aan op de beroepscode, die voorschrijft dat sociaal werkers rechtvaardigheid nastreven voor alle mensen. Je werkt aan een samenleving waarin niemand achterblijft, ook tegen de achtergrond van milieucrises. Hoe nemen we de mensen waar wij als sociaal werkers mee te maken hebben mee in bijvoorbeeld het bestrijden van de klimaatcrisis? Veel van hen kunnen hun energierekeningen niet of nauwelijks betalen en hebben geen geld voor het isoleren van hun huis, voor zonnepanelen of een warmtepomp. Als sociaal werker met een ecosociale blik kijk je niet alleen op individueel, maar ook op systemisch niveau naar dit soort verschijnselen en breng je dat onder de aandacht van beleidsmakers. In Rotterdam zien we het aantal daklozen toenemen. Je kunt deze mensen aan een slaapplek helpen, maar daarnaast is het belangrijk om te onderzoeken welke systeemfouten achter die toename zitten om die vervolgens te agenderen bij beleidsmakers. Het gaat erom niet alleen aan symptoombestrijding te doen, maar ook dieperliggende oorzaken van sociale onrechtvaardigheid aan te pakken en daarbij naar oplossingen te zoeken waarmee we noch mensen, noch de aarde uitbuiten.’•
Lees hier meer over ecosociaal werken.

