Column
De toekomst is al begonnen
In de jaren '60 en '70 van de vorige eeuw was mijn vader huisarts. Hij was wat je noemt ‘een katholieke plattelandsdokter'. In die tijd werd de lokale zorg, zoals consultatiebureaus, wijkzorg, medische hulpmiddelen en later ook het maatschappelijk werk, georganiseerd door zogeheten ‘kruisverenigingen'.
Zijn we het netwerk niet gaan overwaarderen?
Ik weet nog goed dat ik haar voor het eerst ontmoette. Ze was nooit gewend om hulp te vragen, maar nu kon ze niet anders meer. Ze zat in een moeilijke situatie. Ze had een groot netwerk en stond altijd klaar voor iedereen. Maar nu zij - de altijd zo sterke vrouw - hulp nodig had, waren er maar weinig mensen beschikbaar. Dat was de reden van haar komst.
Ecologische crisis: er is geen energie meer voor
Vanuit het sociaal werk wordt vaak gezegd of in ieder geval gedacht dat een crisis een kans is. En ja, dat vind ik ook, een crisis op zijn tijd is best leuk. Niet vanwege de crisis, maar omdat er veel openheid ontstaat en anderen soms bereid zijn dat stapje extra te zetten. In relatief korte tijd kan je verschil maken. Maar hoelang kan een crisis duren? Ik heb een tijdje in de jeugdzorg gewerkt en merkte daar dat het bewustzijn over een crisis een beperkte looptijd heeft. Want op het moment dat verandering uitblijft, wordt er overgeschakeld op een ander systeem, namelijk overleving.
Geen geld geven aan bedelaars
Onlangs deed Kavish Partiman, CDA-fractievoorzitter in de gemeenteraad van Den Haag, een gedenkwaardig voorstel. Zou het geen goed idee zijn om mensen die geld geven aan bedelaars te beboeten? Als bedelaars of daklozen een euro krijgen van een voorbijganger, besteden zij die wellicht aan drugs of alcohol. Dat kan hen weerhouden van het zoeken naar structurele hulp bij maatschappelijke organisaties.
Zeker weten!
Soms verlang ik nog wel eens terug naar de stelligheid waarmee ik, aan het begin van mijn carrière, dacht te snappen hoe het allemaal zit in het sociaal werk.
Wildgroei aan zzp’ers
De laatste tijd lees ik regelmatig over het verband tussen een toename van zelfstandig sociaal werkers (zzp'ers) en het vertrek van sociaal werkers uit loondienst. Publicaties over de leegloop, van onder andere Movisie, benadrukken vooral externe oorzaken van dat laatste: hoge werkdruk, bureaucratie, aanbestedingen.
Die ene cliënt
Er wordt me vaak gevraagd of ik het uitvoerende vak niet mis. Ondanks dat ik er na vijftien jaar heel bewust voor gekozen heb iets anders te gaan doen, kan ik met volle overtuiging zeggen dat ik soms wel degelijk terugverlang naar de mooie intense gesprekken met cliënten. Het blijft speciaal dat mensen je in vertrouwen nemen en hun grootste pijn en verdriet met je delen.
Ontoereikende nabijheid
'Hè, verdorie, alweer?', dacht ik, toen ik op een zaterdagochtend met opeengeklemde kaken onder de douche stond te malen. 'Ik zou mijn werk toch niet meer mee naar huis nemen?'
Aardig zijn is niet voor iedereen
Toen ik nog op school zat, in de jaren zestig en zeventig, was vriendelijkheid een eigenschap die sommige leerlingen hadden en andere niet. Dat was in het algemeen hoe ik de wereld beleefde: sommige kinderen zijn goed in wiskunde, andere niet. Die zijn slim in talen of geschiedenis. Ze hebben commercieel inzicht. Of ze zijn mooi, sportief, of grappig. Of vriendelijk dus, want ook dat was een talent dat niet iedereen bezat.
Verborgen voor de buitenwereld
Of er een woord bestond voor wat ze deed, wist ze toen niet en daar dacht ze ook niet over na. Eigenlijk leek niemand na te denken over dat wat zij uit pure noodzaak deed. Ook met wat voor haarzélf, als toen twaalfjarig kind, belangrijk was - je ontwikkelen, je plek vinden tussen leeftijdsgenoten - hield ze zich niet bezig, net zo min als de volwassenen om haar en het gezin waar ze uit kwam heen dat deden.










